Ook in biografie blijft Banksy de man achter de muur

De kunstenaar die geen kunstenaar wil zijn. Ondanks zijn hardnekkige volharding om anoniem te willen blijven, groeide Banksy uit van obscure graffiti-artiest in de achterstandsbuurten van Bristol tot een grote naam in de kunstwereld. De Engelse journalist Will Ellsworth-Jones beschrijft in zijn biografie het verloop van die ontwikkeling en de spagaat waarin de Batman van de beeldende kunst verzeild is geraakt. ‘Banksy’s probleem is niet de kunst die hij maakt, maar het feit dat hij behoorlijk verdient aan de kunstmarkt en dat zijn fans die hem vanaf het begin verzamelen, zijn werk langzamerhand niet meer kunnen betalen’.

Banksy! Zijn kunstenaarsgereedschap zijn de ironie, het sarcasme, de humor en het engagement. Een mash-up van schakeringen waarin omgeving, afbeelding en toeschouwer context en samenhang zijn. De straat wordt museum, de passant toeschouwer en criticus. Zijn prikkelende slogans ontlenen hun kracht aan de omgeving waarin ze zijn geplaatst. Inmiddels worden er speciale plattegronden gemaakt waarop de locaties worden vermeld waar werk van hem te zien is. Tenminste, als de muur of het schuurtje niet is meegenomen door liefhebbers of verzamelaars. Ellsworth-Jones noemt voorbeelden waarbij het al dan niet legaal uitzagen van werken op muren, leidde tot rechtszaken met eigenaren en overheden.

Ofschoon de beau monde van de kunst nog steeds niet veel moet hebben van graffiti, toont Ellsworth-Jones aan dat Banksy ‘een heel nieuw publiek met de kunstwereld in aanraking heeft gebracht’. Sommigen zien in hem zelfs de opvolger van Andy Warhol. Ook de koning van de pop art werd de eerste jaren van zijn kunstenaarschap amper serieus genomen. Best begrijpelijk dat op gegeven moment de schrijver zelf ook in de ban raakt van Banksy. Met lichte zelfspot verhaalt hij over zijn vermetele poging werk van de kunstenaar aan te schaffen. Maar algauw ontdekt hij dat zijn zoektocht en financiële middelen niet verder reiken dan de aankoop van een print. Een kopie welteverstaan, voor 20 pond.

Voordat de schrijver in het laatste hoofdstuk ingaat op de artistieke betekenis van Banksy, informeert hij de lezer uitvoerig en kritisch over diens werkwijze, de ambivalente houding van graffiticollega’s uit Bristol jegens hun vroegere stadgenoot, en de toenemende paranoia bij handelaren en fans over vervalsingen. Het driehonderd pagina’s tellende boek leest prettig, kabbelt soms wat voort, maar is vooral geschreven vanuit de traditie van oerdegelijke en gedetailleerde onderzoeksjournalistiek. Dat moet een hele klus zijn geweest. Banksy geeft hooguit interviews per e-mail en wil ‘liever zijn eigen verhaal blijven vertellen’.

Banksy De Man Achter De Muur is met nadruk een ongeautoriseerde biografie. Eentje die ons veel leert over de werkwijze van de kunstenaar en de personen die hem daarbij helpen of hebben geholpen. De identiteit van Banksy wordt jammer genoeg niet onthuld. In een tijd waarin de meeste mensen zich via internet willen profileren, is Banksy er alles aan gelegen anoniem te willen blijven. Social media zijn aan hem niet besteed. Toch is het een misvatting te denken dat de graffitikunstenaar in zijn eentje werkt. Volgens de schrijver is Banksy pas werkelijk groot geworden dankzij de bemoeienis van de gewiekste manager Steve Lazarides.

Met de oprichting van een eigen onderneming blijkt de controlfreak Banksy het heft in eigen hand te hebben genomen. Team Banksy behartigt zijn financiële zaken, verzorgt zijn pr en helpt hem met de opbouw van tentoonstellingen. Ellsworth-Jones legt uit dat Team Banksy in banen wordt geleid door twee vrouwen: Holly Cushing en Jo Brooks. Cushing is een voormalige filmproductieassistente die al net zo ongrijpbaar te werk gaat als haar werkgever. De schrijver komt over haar niet veel meer te weten dan dat ze volgens een bron lang blond haar heeft en liefst felroze, helderrood en af en toe geel draagt.

Wat in Ellsworth-Jones’ biografie wel haarfijn naar voren komt is dat Banksy slachtoffer is geworden van zijn eigen succes. ‘Zijn dagen als subversieve vandaal zijn voorbij’ staat er ergens. Laatste redmiddel: Pest Control. Minutieus verhaalt de schrijver over hoe dit bedrijf, indachtig de Andy Warhol Foundation, werken op authenticiteit controleert vooraleer een garantie van echtheid af te geven. Desondanks zal het echte grote geld niet binnenstromen. Op het vele werk dat hij in de openbare ruimte maakte rust immers geen copyright. Pest Control is slechts de laatste strohalm van Banksy om zijn bewonderaars te behoeden tegen namaak en een poging de mini-industrie van kopiisten tegen te gaan. Ongeacht zijn succes is hij niet zo’n grootverdiener als Damien Hirst of Jeff Koons, maar iemand met misschien wel een mooiere status: de ‘outsider die een insider werd’.

Will Ellsworth-Jones, Banksy De Man Achter De Muur (uitgeverij Lebowski, 2012)

(eerder verschenen via website De Jaap)

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s