Recensie: David Bowie – Blackstar ook een zwarte ster kan schitteren…

R-7932038-1452414496-9422.jpeg

Toen ik Blackstar de dag voor Bowie’s overlijden draaide en de teksten er nog eens op na las, kreeg ik het voorgevoel dat dit wel eens zijn laatste album zou kunnen zijn. Achteraf makkelijk praten natuurlijk. Om te beginnen is het de eerste Bowieplaat waarop zijn beeltenis ontbreekt. Pontificaal een gestanste ster in de gitzwarte klaphoes, onderin de afgebroken stukjes. Aanvankelijk vermoedde ik bij het uitpluizen van de teksten dat Bowie teveel kunstenaar is om te verwijzen naar zijn persoonlijke leven. Zo lijkt ‘Tis A Pity She Was A Whore nog te refereren aan een toneelstuk uit 1633.

En de rest? Fictie? Realiteit? “Seeing more and feeling less, saying no but meaning yes”, zingt hij ergens. Bowie’s oeuvre bezit vaker tegenstrijdigheden en herinterpretaties. Was Space Oddity’s Major Tom in 1969 nog een onbevangen ruimtereiziger, tien jaar later is hij een aan lager wal geraakte drugsverslaafde. Maar nu, na Bowie’s onverwachte overlijden is het lot van Blackstar voorgoed bezegeld met een onderwerp dat niemand aan zag komen: een kroniek van een aangekondigde dood.

De verwijzingen zijn talrijk in Lazarus, vernoemd naar twee figuren uit de evangeliën. Een met zweren overdekte bedelaar die werd aangetroffen voor de poort van een rijkaard, en een Lazarus die door zijn vriend Jezus uit de dood werd opgewekt. Bowie bevindt zich met zijn gedachten ergens tussenin, tussen hemel en aarde, na alle lasten en lusten in een roes van verzadiging. “I’m so high it makes my brain whirl”. Naar de gelijknamige video, waarin Bowie zich verstopt in een kast en de deur voorgoed achter zich dicht trekt, wordt het opeens ongemakkelijk kijken.

Het typeert de kunstenaar in hem dat hij samen met zijn vaste producer Tony Visconti, met Blackstar ernaar heeft gestreefd een nieuwe muziektaal te creëren. Niet te vergelijken met een eerder album van hem, onvergelijkbaar met welk ander album van nu van wie dan ook. Volgens Visconti met dank aan Kendrick Lamar, wiens To Pimp A Butterfly mede als inspiratie diende. Waar Lamar met dwarse structuren afwijkt van doorsnee hip hop, zo deden Bowie en Visconti alles om rockmuziek te vermijden. Nou, dat is aardig gelukt. Blackstar laat zich geen moment vastpinnen. Meer verkenning dan kop en staart. Ondanks ijle saxofoonflarden bevat het album allesbehalve jazz; klinken ritmes gejaagd en nerveus, maar swingen doen ze dan weer wel. Een bitter contrast met de sfeer die overheerst: duister, grimmig en rusteloos. Een andere aanwijzing is wranger. Bowie zingt met een intonatie die we niet eerder van hem hoorden. Kwetsbaar, een tikje onvast. En dan is er die diepe zucht vlak voor ‘Tis A Pity She Was A Whore.

Alles wat onafwendbaar is schreeuw je liever niet van de daken. Zeker niet zoiets hardvochtigs als de constatering van leverkanker. I Can’t Give Everything Away luidt de apotheose van Blackstar. Intussen heeft Bowie natuurlijk wél alles gegeven. Ondanks de clichés die de media hardnekkig blijven opdreunen, over Bowie de artistieke kameleon, zijn imagoveranderingen en verkleedpartijen, gaat hij in herinnering als een groot songschrijver. Ook een zwarte ster kan schitteren. Zijn verzamelde werk voor altijd een Velvet Goldmine, tevens zijn allermooiste b-kantje.

David Bowie – ★ (Iso Records/Columbia/Sony Music)

(eerder gepubliceerd via Vinyl50.nl)

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s