Op Blue & Lonesome zijn de Rolling Stones weer een bandje

Print

In drie dagen live opgenomen in een studio met een enorme open ruimte en hoge plafonds. Normaal gesproken bedoeld voor de registratie van klassieke muziek. The Rolling Stones moesten er even aan wennen. Ter voorbereiding voor een nog te verschijnen gloednieuw album wilde men eerst het geluid van de studio uitproberen: door blues uit de jaren vijftig te spelen. Daar bleef het niet bij. De ene na de andere sessie volgde. Op gegeven moment schijnt tot ieders verbazing Mick Jagger te hebben uitgeroepen: “This is an album. You can’t chop this up.”

En ja, het zijn daadwerkelijk de Stones die vanaf begin jaren zestig de blues op de kaart hebben gezet, toen het genre nog met de nek werd aangekeken. De band had meteen een voorkeur voor de rauwe variant afkomstig uit Chicago. Die ruige kant werd veroorzaakt door de pas geïntroduceerde elektrische gitaar en bijbehorende versterkers. Denk aan Muddy Waters, Willie Dixon, Howlin’ Wolf. Inmiddels staan ook zij stevig in de muziekhistorie gebeiteld.

Heel moedig dat de Rolling Stones de blues weer oppakken en afstoffen. De muzieksoort is immers verworden tot een idioom dat zichzelf in de staart bijt op festivals voor liefhebbers. Ook de keuze van de songs is opmerkelijk. Bepaald geen voor de hand liggende blueskanjers, maar werk van o.a. Little Walter, Eddie Taylor en Magic Sam.

Weliswaar klinken veel van de originele versies kaler en meeslepender, het onderlinge samenspel van de Stonesleden maakt veel zo niet alles goed. En er zijn zomaar ineens twee Mick Jaggers: de zanger en de mondharmonicaspeler. Beiden in topvorm. Niet eerder haalde Jagger zoveel gevarieerde klankkleur uit de ‘harp’. Dat hij met veel bravoure in zijn stem een zweep legt over de aloude blues, is eveneens bijzonder om te horen en zelfs een tikje excentriek. Alleen al de manier waarop hij de titelsong opent en naar zich toetrekt.

Op Blue & Lonesome klinken de Rolling Stones weer als een bandje. Mijlenver verwijderd van het verdienmodel dat nogal eens aan ze kleeft; van de megastadionconcerten, merchandise en marketingstrategie. Het lijkt wel of ze er zelf ook even de buik vol van hebben. Keith Richards en Ron Wood spelen geen gitaar maar slopen klankkasten. De snaren rammelen, het hout piept en kraakt. Het is bijna ontroerend om de spelvreugde, daadkracht en urgentie achter deze uitvoeringen te horen. Ondanks de aanwezigheid van overbekende ingrediënten hadden we dit toch niet zien aankomen.

Ook de klaphoes oogt lekker goedkoop: pontificaal het tonglogo, maar dan felblauw. De dubbel lp, met downloadkaartje, bevat drie nummers per kant, terwijl de opname zo goed naar het vinyl is getransformeerd dat de dynamiek ervan alleen maar toeneemt bij het verhogen van het volume.

Rolling Stones – Blue & Lonesome (Polydor/Universal 2016)

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s