Het doolhof David Lynch – aanvallen op het onderbewustzijn in het Bonnefantenmuseum

Aan het begin van de tentoonstelling loeit een sirene. Een waarschuwing voor wat de bezoeker te wachten staat. Wat volgt is een metershoge foto van de schilder aan het werk. De meeste mensen zullen hem kennen van zijn films Blue Velvet en Mulholland Drive of de veelgeprezen tv-serie Twin Peaks. Maar voor het eerst in Nederland gaan we uitvoerig kennis maken met de beeldend kunstenaar David Lynch. Het Bonnefantenmuseum pakt flinkt uit: vijfhonderd kunstwerken verdeeld over vijftien zalen. Van de eerste schetsen die hij in de jaren vijftig maakte tot enorme doeken uit 2018. Dan gaat het om schilderijen, tekeningen en foto’s, staande lampen en ja, nogal wat werken met heel veel spulletjes erin.

Dat luchtalarm hoort overigens bij de “moving painting” Six Men Getting Sick, te zien aan de achterkant van de Lynchfoto. Onvermijdelijk zijn er meer raakvlakken met zijn films, want hé, doet dat misvormde hoofdje niet denken aan die monsterachtige baby uit Eraserhead? En ligt daar niet de eerste versie van het scenario voor Blue Velvet? David Lynch dus. Berucht om zijn weigering zijn kunst uit te leggen. Bekend om een voorliefde voor “a damn fine cup of coffee”. In de museumshop is zijn eigen merk koffiebonen te koop.

Snel wordt duidelijk dat hier iemand aan het werk is met een vrije geest. Iemand die alle ruimte en vrijheid neemt om te komen tot een eigen universum, een eigen realiteit als het ware. Om hieraan gestalte te geven gebruikt Lynch gek genoeg alledaagse materialen en voorwerpen. Zo heeft hij op een van de schilderijen enkele sigarettenpeuken uitgeduwd. Objecten die herkenbaar en alledaags zijn worden door Lynch gebruikt in beelden waarvan je niet precies weet wat ze voorstellen. Ze doen denken aan nachtmerries. Eerst raak je nieuwsgierig en word je naderbij gelokt, vervolgens gaan ze aanvallen uitvoeren op het onderbewustzijn. Net als zijn beste films inderdaad. Gelukkig is er ook humor. Een van de bijdragen aan de tentoonstelling heet I Was A Teenage Insect. Fragiel en grappig ogen de sculpturen van staande lampen. Gezellig bijeen in een kring alsof ze familie van elkaar zijn.

Laten we, naar adem happend, verdergaan met herkenning en houvast. In de multimediadoeken ontdekken we een mobiele telefoon half verstopt in een colbertje, een afgescheurde spijkerbroek, boomtakken, een dameshorloge, plastic rozen. Alles vet opgeplakt en vastgekoekt met klodders verf, lijm en klei en wat al niet. Met de kunstenaar zelf gaat het intussen prima. Tijdens de opening vertelt hij via een Skypeverbinding vanuit Los Angeles: “Ik zeg altijd maar: de kunstenaar zelf hoeft niet te lijden om ellende te kunnen tonen. Ik wil het laten zien in verhalen en schilderijen.“

Is het dan allemaal macaber en rauw? Wie de tijd neemt en zich niet laat overrompelen door de hoeveelheid indrukken, merkt dat David Lynch nog meer te bieden heeft. Bijna ontroerend zijn de Distorted Nudes: digitaal bewerkte collages van erotische foto’s uit begin vorige eeuw. Of neem de pentekeningetjes op luciferdoosjes, de zwartwit foto’s van verlaten fabrieken. Niet keurig in passe-partouts, nee lekker op groot formaat, waardoor ze iets spookachtigs en mysterieus krijgen.

In een grote zaal bevinden zich een soort hangende vitrines van twee bij drie meter. Nog meer voorwerpen en materialen, maar dan op lappen karton. Eromheen of onderdoor stuiteren schots en scheve lettertjes die niet alleen de titel van het werk aangeven maar tegelijk de aanzet vormen tot een verhaal. Ook in deze beelden maakt het daglicht plaats voor schemer. “Dat fascineert me, zaken als insecten, vlees, verrotting. Ik houd ook van natuur die bloeit, maar wat ik wil schilderen is verval”, aldus Lynch in NRC Handelsblad. Soms is het net of je zit te kijken naar een staat van ontbinding. Niettemin branden in de canvassen vrolijk gekleurde lampjes.

In meerdere opzichten is dit museumbezoek een verademing. Lynch is geen kunstenaar die de tijdgeest wil vatten of er alles aan doet om een plek op te eisen in de kunstcanon. Lynch dringt niks op, maar tart meedogenloos de verbeelding en het voorstellingsvermogen. De titel van dit retrospectief had daarom net zo goed anders kunnen heten. Niet Someone Is In My House maar ‘someone is in my head’. Deze tentoonstelling is een belevenis die prikkelt en de geest verruimt. Goede zet van het Bonnefanten om in de zalen alvast het licht te dempen. A damn fine exhibition.

David Lynch – Someone Is In My House (Bonnefantenmuseum, Maastricht t/m 28 april 2019)

Someone Is In My House is tevens de titel van de fraaie Nederlandstalige tentoonstellingscatalogus. Ook aan te bevelen is het in 2007 verschenen The Air Is On Fire. Dit lijvige boekwerk bevat eveneens afbeeldingen van schilderijnen, foto’s en filmscènes, inclusief twee cd’s waarop Lynch uitgebreid vertelt over zijn werk.

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google photo

Je reageert onder je Google account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s