Deze afbeelding heeft een leeg alt-atribuut; de bestandsnaam is hans-dulfer-hoes.jpg

Het toelaten van Latijns-Amerikaanse muziek was een tijdje hip in de rock en jazz. Dat begon zo’n beetje omstreeks eind jaren zestig, onder invloed van het wereldwijde succes van de Mexicaans-Amerikaanse gitarist Carlos Santana en zijn band. In ons land ontstond het gebruik van Latijnse ritmes geleidelijk via de Surinaamse liedjes van Max Woiski. Meer in het bijzonder toen een deel van zijn orkest zonder hem een soort neder-latin ontwikkelde; tegenwoordig beschouwd als bakermat voor latin-jazz in Nederland (Massada op Pinkpop!). De eigengereide saxofonist Hans Dulfer ontmoette percussionist Steve Boston en andere leden van de ritmesectie, nadat zij na een zakelijk geschil met Woiski zonder werkgever waren komen te zitten. Die ontmoeting vond plaats tijdens een van de door Dulfer georganiseerde woensdagavond jazzsessies in Paradiso (de zaal waarvan hij in 1990 directeur werd om een jaar later wegens ruzie weer op te stappen). Het zou het begin worden van een korte maar vruchtbare samenwerking. Dulfer en Ritmo Naturel besloten samen te gaan optreden en twee platen op te nemen.

“Iedereen vond de combinatie van zwarte en blanke muzikanten uniek. Maar ik zocht gewoon goede conga-drummers, zodat de mensen ook konden dansen op onze muziek. Je kon er de mensen mee vasthouden en er dan mijn freejazz over heen spelen”, aldus de saxofonist terugblikkend op een in 2012 verschenen compilatie cd/dvd. Op het album The Morning After The Third speelt Dulfer inderdaad vrij en vrijelijk over en dwars door de dwingende ritmes van onder meer belangrijke peiler, congaspeler Boston. Die combinatie werkt aanstekelijk en ergens best intrigerend, vooral omdat Dulfer met zijn eigenzinnige spel in totale vrijheid losgaat op solide ritmes. Soms misschien iets te nadrukkelijk waardoor het lijkt of hij voor zichzelf staat te spelen. Jan Akkerman weet er op zijn eigen manier ook wel raad mee. Hij speelt gewoon een bijtende gitaarsolo in het titelnummer. Beetje jammer dat zijn opname zit ‘verstopt’ in een van de luidsprekers en niet over de volle breedte van het stereogeluid mag excelleren. De grooves van Ritmo Naturel klinken misschien niet zo vet als je zou willen maar ze swingen wel degelijk. Hypnotiserend bijna. Vreemd dat ze niet in gesamplede fragmentjes zijn terug te horen op hiphopplaten. Hoog tijd dat daar verandering in komt, wie weet wanneer ook Candy Clouds, die andere plaat uit 1970, eveneens opnieuw wordt uitgebracht.

Het Nederlandse Music On Vinyl brengt The Morning After The Third uit in een exclusieve uitgave van duizend stuks, genummerd en op doorzichtig geel vinyl. De geluidskwaliteit van de vijftig jaar oude opname is zodanig audiotechnisch ‘bijgewerkt’ dat ie glashelder en doortastend uit de groeven sprankelt. De hoes is een exacte weergave van de originele plaat. Een fraaie en belangrijke heruitgave.

Hans Dulfer and Ritmo Naturel – The Morning After The Third (Catfish/Universal/Music On Vinyl 1970/2021)